Tijdens een van zijn vele looptrainingen rond de Coupure en de Bijloke besloot Pieter Van den Berghe, een 41-jarige IT’er uit Gent, dat de maat vol was. Vlak voor de Gentse Feesten werd het hoog tijd om al die rondslingerende vuiligheid in de Gentse binnenstad op TikTok, Instagram en YouTube kenbaar te maken onder de alias ‘Clean Ghent’. Naar eigen zeggen doet hij dit niet alleen om te tonen hoeveel vuiligheid er wordt achtergelaten, maar vooral “in de hoop mensen aan te zetten om het beter te doen en zelf ook iets kleins te betekenen voor hun buurt”.

Gepakt en gezakt
Wat begon met blote handen, groeide al snel uit tot een vaste uitrusting met handschoenen, een grijper en een actioncam. De camera werd een vaste waarde om één grote ergernis aan de man, vrouw en alles ertussenin te brengen: zwerfafval. Afval dat zomaar ergens op de straten rondzwerft — echt gelukkig wordt een mens daar niet van.
Alleen op pad in de stad
Je zou het misschien niet meteen zeggen, wetende dat hij aan de Coupure woont, maar Pieter verkiest alle dagen van de week de rust boven de drukte. Zo trekt hij er tijdens zijn opruimrondes door de buurt van de Coupure, de Bijloke en de Brugse Poort altijd alleen op uit. Dat mensen hem graag zouden vergezellen siert hem en apprecieert hij, maar idealiter hoeft hij niet als noodzakelijke aanwezige te dienen voordat anderen de handen uit de mouwen steken: “Ik heb liever dat ze dat op zichzelf doen, want dan wordt er meer gedaan.”
Zijn filmpjes zijn vaak een combinatie van eigen frustratie en andermans appreciatie: wat opruimen al niet aan emoties teweeg kan brengen.
Afval kent geen grenzen
Die zoektocht naar rust trekt hij ook door op reis, al weet hij de opruimmicrobe zelfs dan niet van zich af te schudden. Ergens hoog in de bergen, omringd door al het moois van de natuur: het mag dan wel idyllisch klinken, ook daar heeft de chaos van zwerfafval helaas zijn plaats gevonden. Of hij nu op een bergflank in de Franse Alpen staat of de Gentse voetpaden bewandelt, overal blijft Pieter trouw de blikjes, flesjes en papieren zakdoekjes van anderen oprapen.
Cleanfluencer-beleid van de Stad Gent
In zijn thuisstad wil het stadsbestuur die uit de hand gelopen afvalberg nu eindelijk indammen, nadat Gent het afgelopen jaar afklokte op ruim 52.000 sluikstortmeldingen — een triest record. Schepen van Openbare Netheid Sofie Bracke wil dat probleem aanpakken door zogenaamde ‘cleanfluencers’ in te zetten, waarbij Pieter vermoedt dat de stad aan een groepje rond hemzelf en lokale contentmakers De Recensent van Gent en Bike Ghent denkt. Officieel weet hij nog van niets en wijst hij het hippe etiket van de stad kordaat van de hand: “Ik zie mezelf als niets, gewoon een enthousiasteling die opkuist.”
Migranten de zondebok, studenten tweede slechtste leerling
Wanneer het gaat over wie verantwoordelijk is voor al dat vuil in eigen stad, wordt er volgens Pieter veel te snel naar één groep gewezen: “Heel vaak worden migranten afgeschilderd als de oorzaak van het probleem; dat is een heel gemakkelijke zondebok.” Daarnaast prijken studenten op een weinig benijdenswaardige tweede plaats, want hoewel lang niet elke student schuldig is, “kun je er moeilijk rond dat als er bij schoon weer jong volk op de graspleintjes rond de Coupure zit, je daar de dag daarna wel heel veel afval terugvindt”. Net daarom vindt Pieter dat we via sociale media en scholen volop op de jeugd moeten blijven inzetten, niet omdat zij het enige probleem zijn, maar “omdat jongeren onze toekomst zijn en de toekomstige ouders worden die zelf opvoeding moeten geven”.
Straffen eerder dan sensibiliseren
Voor een blijvende mentaliteitswijziging is er volgens Pieter echter veel meer nodig dan enkel sensibilisering en goede bedoelingen. “Campagnes op zich gaan niet veel uithalen; er moet gewoon strenger gestraft worden en de pakkans moet vergroten”, klinkt het resoluut. Het huidige gevoel van straffeloosheid moet plaatsruimen voor duidelijke maatschappelijke grenzen, respect en individuele goedwil, want zolang we niet durven te tonen dat we sluikstort en zwerfvuil niet langer aanvaarden, blijft het volgens Pieter “dweilen met de kraan open”.
